Het LETSysteem Ontwerp Handboek

5.4 Financiële Projecties voor regionale Ontwikkeling van LETSystemen

De modellen, in de vorm van een tabel met projecties, worden getoond aan het einde van deze sectie.

Elke kolom onderzoekt een verschillend type van lokaliteit met het getoonde totale inwonersaantal. 20.000 mensen is typisch een dunbevolkt landelijk gebied en 3.000.000 is een grote stad.

Volgen we de tabel rij per rij naar beneden:

De bedrijfsratio is het aantal bedrijven per hoofd van de algemene bevolking. We kozen gemiddelde waarden voor westerse gemeenschappen. Bij gemeenschappen met enkelvoudige industrie kan de waarde tot 1:25 gaan, als een groot percentage van de mensen "in de molen" werkt.

We verkrijgen het aantal bedrijven wanneer we het bevolkingsaantal delen door de bedrijfsratio.

In de multi-LETS Registers zullen bedrijven uiteindelijk tot meerdere systemen toetreden. Daarom schatten we het aantal rekeningen dat bedrijven zullen openen. Het aantal rekeningen is puur giswerk, maar we denken echt conservatief te zijn in deze, al zullen we waarschijnlijk bijna alleen staan met dit geloof. We verwijzen naar hoe de situatie is na enkele jaren, wanneer lokale munten misschien 40% zullen uitmaken van de economie. En hoe meer rekeningen een bedrijf heeft, hoe meer zaken het zal doen.

We willen gangbaar maken dat bedrijven, alvorens zij een rekening openen, een Bijdrage aan de Gemeenschap (BadG) doen van, zegge, £50 plus £50 lokaal aan lokale liefdadigheid en investeringsfondsen.

Dit is zo geconcipieerd om te voorkomen dat de mogelijkheden beperkt worden voor officieel goedgekeurde liefdadigheidsorganisaties - ofschoon zij vermoedelijk de enige begunstigden zijn die een ontvangstbewijs voor belastingen kunnen geven. Het punt is om vanaf het begin te stellen dat er een vergoeding,
gift of gangbare praktijk geassocieerd wordt met een bedrijf dat aan een netwerk deelneemt. Als dit als norm naar voren geschoven kan worden, dan hebben we de mogelijkheid om aanzienlijke financiering te voorzien voor liefdadigheidsinstellingen, leningfondsen en projecten in de gemeenschap.

EN

Dit voorziet een beschermde bron van financiering voor LETSysteem ontwikkeling. Directe toepassing van de "toegangskosten" voor ontwikkeling zal niet duurzaam zijn, omdat de echte kost van rekeningen voor bedrijven snel naar nul zal evolueren. Bijgevolg zal je de aangerekende kosten moeten verlagen, wil je niet lijden onder concurrentie van winstjagers welke waarschijnlijk aanzienlijk minder eerlijk en misschien meer kostenefficiënt zullen zijn dan jij.

BadG is geheel willekeurig. Maar noodzakelijk. Zonder zulk een systematische geldstroom is ontwikkeling ondergefinancierd. Als je te veel neemt, zal je ongenoegen voeden. Door een protocol gangbaar te maken, een gangbare praktijk bij toetreden, wat dan ook, kunnen we lokale liefdadigheid stimuleren, en worden deze aldus betrokken. En er is de echte mogelijkheid om zulke toetredingspraktijk gebruikelijk te maken. Wat het beste is dat men kan hopen.

Sommige systemen binnen een Register zullen vanzelfsprekend de voorkeur hebben om NIET een toetredingskost te heffen voor bedrijven, wellicht omwille van korte termijn doelmatigheid omdat de toetredingskost een belemmering is, of misschien omdat ze ervoor kiezen een aanzienlijke donatie aan liefdadigheid op poten te zetten met donatie als voorwaarde - misschien verscheidene n x £1000 lokaal - in welk geval £ 50 en £ 50 lokaal overbodig wordt. Maar we geloven dat we normen kunnen stellen, die tot voorbeeld kunnen dienen voor andere initiatieven elders.

Commissie is het percentage van de BadG dat beschikbaar gesteld wordt voor de ontwikkelingsgroepen. Het percentage ligt hoger voor kleine gemeenschappen dan voor grote, vanwege de graad van duplicatie die kleine plaatsen moeten doorstaan, en het in vergelijking groter aantal rekeningen per bedrijf in steden.

Het budget van het ontwikkelingsprogramma is de totale BadG vermenigvuldigd met het commissiepercentage.

De kost per persoon per jaar is het bedrag dat nodig is om een voltijds lid van de ontwikkelingsgroep te verlonen. In de veronderstelling dat mensen die gemotiveerd zijn om LETSystemen te starten gedreven worden door andere motieven dan gewoon een salaris, zullen de tarieven misschien iets minder zijn dan gangbaar. Inbegrepen in de kosten zijn kantoorondersteuning, transport, enz. doch dit is beperkt. Het grootste deel van het budget dient om de tijd van de actieve medewerkers te vergoeden. Deze medewerkers zijn in het algemeen een mix van deel- en voltijdsen. De meeste leden zullen deeltijds werken maar we rekenen met voltijdse equivalenten.

Het totale beschikbare werkingsbudget gedeeld door het bedrag dat nodig is om iemand aan het werk te houden geeft ons het aantal persoonsjaren welk beschikbaar is voor het project.

Gedurende de eerste periode schatten we dat 10% gespendeerd wordt. Aangezien dit geprojecteerd kan worden maar niet verondersteld, is het redelijk om enkel een klein deel van het totale budget te besteden in de openingsfase.

Als blijkt dat de cijfers gehaald worden, kan in fase 2 en 3 elk 40% van het voorspelde budget besteed worden en in het laatste deel 10%. Zoniet zal de opgehoopte schuld gedurende de eerste fase niet desastreus zijn. De eerste fase zal zowat minder dan 10% van het totale budget uitmaken omdat er hopelijk ENIG inkomen zal zijn, en medewerkers zullen in het algemeen elkaar en het project ondersteunen door enkel een gedeelte aan te rekenen dan dat wat volgens contract bepaald is en de rest in de boeken laten.

De som geld benodigd in het eerste jaar zal daarom naar verwacht 33% uitmaken van het budget van de eerste periode.

Er zullen waarschijnlijk licht verhoogde uitgaven zijn in het eerste kwartaal van het eerste jaar vanwege de opstartkosten (maar niet voor hardware aankopen!) Dit laat opnieuw de nood aan baar geld zien in de beginperiode, en de nood om snel een zeker inkomen te verkrijgen.


Financiële Projecties voor regionale Ontwikkeling van LETSystemen

regionaal bevolkingsaantal (000)    20       50      250      500    1,000    3,000    5,000

bedrijfsratio                       25       20       20       20       20       20       20
aantal bedrijven                   800    2,500   12,500   25,000   50,000  150,000  250,000
aantal rekeningen                    3        4        5        6        7        8       10

Bijdrage BadG               £      100      100      100      100      100      100      100
totale BadG               (000)    240    1,000    6,250   15,000   35,000  120,000  250,000
commissie %                         20       20       16       14       12       10       10

programma budget          (000)     48      200    1,000    2,100    4,200   12,000   25,000


eerste periode - 10%      (000)      5       20      100      210      420    1,200    2,500
kapitaal vereist           33%       2        7       33       69      139      396      825
vereist in eerste kwartaal 40%       1        3       13       28       55      158      330


Aan de kostprijs van £15.000 per persoon per jaar

aantal persoonsjaren                 3       13       67      140      280      800    1,667


persoonsjaren (eerste periode)     0.3        1        7       14       28       80      167   


persoonsjaren / 1,000 bevolking   0.16     0.27     0.27     0.28     0.28     0.27     0.33

Landsman Community Services Ltd Paper No.5.4 Version No 1.3 17 August 94
Written by Michael Linton of Landsman Community Services Ltd. and Angus Soutar of Robert Soutar Ltd.
Compiled 10-01-95 by Andy Blunt and Adrian Steele of LETSgo Manchester
Sources: Translated from English in Dutch by Maarten Vandekeybus

These pages are hosted from Github pages with Gitbook. If you have any remarks or want to contribute a translation, feel free to search contact through the Github issues or make a pull request. The original source in html was transformed into the lightweight and easy-to-read markdown format.

results matching ""

    No results matching ""